Stille getuigen: de kracht van objecten in de wereld van Johannes Vermeer
Terug naar blogs

Stille getuigen: de kracht van objecten in de wereld van Johannes Vermeer

In het relatief kleine oeuvre van Johannes Vermeer is elk object - van een tinnen kan tot aardewerken kookpot en zijden jas - met een bijna obsessieve precisie gekozen en geplaatst. Deze attributen zijn niet louter decoratie; ze vormen de sleutel tot het begrijpen van de zeventiende-eeuwse burgerlijke moraal en de diepere psychologie van zijn personages. 

attributen-in-vermeer-schilderijen-header.jpg

De tastbare wereld: meer dan verf alleen

In de kunsthistorische literatuur wordt vaak gezocht naar de symboliek achter Vermeer’s werk, maar Alexandra van Dongen gooit het in haar baanbrekende boek De tastbare wereld van Johannes Vermeer over een andere boeg. Zij benadert de schilderijen vanuit de materiële werkelijkheid. Van Dongen toont aan dat Vermeer niet zomaar ‘iets’ schilderde, maar dat de objecten in zijn atelier vaak echte, identificeerbare luxegoederen waren uit die tijd, zoals het Indo-Portugese juwelenkistje van teak en ebbenhout, gemaakt in het Indiase Cochin (Kochi). Naast luxegoederen zijn in de werken Vermeer juist ook alledaagse huishoudelijke objecten te zien, lokaal of regionaal gemaakt, zoals bezems, wilgentenen brood- en wasmanden of aardewerk zoals de kookpot op de keukentafel van ‘Het melkmeisje’. 
Door de attributen te analyseren als archeologische vondsten, begrijpen we pas echt de rijkdom van de huishoudens die Vermeer portretteerde. Een schilderij is bij Vermeer niet alleen een venster op een ziel, maar ook een inventaris van de mondiale handel die Delft in de 17e eeuw rijk maakte.

De taal van de objecten 

Vermeer hergebruikte zijn attributen regelmatig, wat suggereert dat veel van deze voorwerpen daadwerkelijk in zijn bezit waren of tot de inboedel van zijn schoonmoeder, Maria Thins behoorden, of tot die van opdrachtgever en mecenas Maria de Knuijt. Laten we kijken naar enkele cruciale categorieën:

  • Textiel en tapijten: in plaats van een traditioneel tafelkleed, zien we vaak zware, kleurrijke oosterse tapijten. Deze werden in de 17e eeuw niet op de vloer gelegd, maar dienden als prestigieuze tafelbedekking. Ze absorberen het geluid en versterken de sfeer van beslotenheid en rijkdom.
  • Het geel-satijnen jasje: dit iconische kledingstuk met afzettingen van hermelijn komt in maar liefst zes schilderijen voor (waaronder De schrijvende vrouw en Dame met dienstmeid). Het was een 'overhuys' of kamerjas, een statussymbool dat duidt op de informele, maar luxueuze privésfeer van de elite. 
  • Keramiek en glaswerk: de wit-geglazuurde kan in Het melkmeisje of de verfijnde wijnglazen in Het glas wijn zijn geen toevalligheden. Van Dongen wijst er in haar onderzoek op dat het type aardewerk vaak precies te dateren is, wat ons helpt de chronologie van Vermeer’s ontwikkeling beter te begrijpen. 

Attributen als morele wegwijzers

Naast hun materiële waarde, hebben de attributen een verhalende taak. Neem de muziekinstrumenten (de virginalen, luiten en viola da gamba’s). Muziek stond in de zeventiende eeuw symbool voor de harmonie tussen twee zielen, maar kon ook een waarschuwing zijn voor de vluchtigheid van plezier (Vanitas). 
Ook de landkaarten aan de muur zijn cruciaal. Ze wijzen op de intellectuele nieuwsgierigheid van de bewoners en de expansiedrang van de Republiek. Een landkaart achter een peinzende vrouw suggereert een link met een afwezige geliefde die overzee is, waardoor de lege ruimte in het schilderij plotseling gevuld wordt met verlangen en verre reizen.

Conclusie: de dialoog tussen licht en materie

Het genie van Vermeer ligt in de balans. Hij laat het licht vallen op een tinnen schaal alsof het puur zilver is, en geeft een eenvoudige broodmand de waardigheid van een altaarstuk. Dankzij het werk van onderzoekers als Alexandra van Dongen kijken we met nieuwe ogen naar deze attributen. We zien niet langer alleen een esthetisch plaatje, maar een fysieke wereld waarin elk object een verhaal vertelt over handel, status, liefde en de vergankelijkheid van de tijd. Objecten die Johannes Vermeer met net zoveel liefde en aandacht schilderde als de figuranten in zijn werken.

Wie de schilderijen van Vermeer wil doorgronden, moet dus niet alleen kijken naar wat de personages doen, maar vooral naar de objecten die hen omringen. Zij zijn de stille getuigen van een wereld die, hoewel bevroren in verf, nog steeds tastbaar aanvoelt. 

Ontdek de details in de werken van Johannes Vermeer tijdens een bezoek aan het Vermeer Centrum Delft. Klik hier voor het online boeken van je ticket.

Meer informatie over Alexandra van Dongen en haar boek 'De tastbare wereld van Johannes Vermeer. Huisraad als schildersmodel vind je hier