De schoonheid en het ‘vreemde’: het ideale tweeluik van Vermeer
Terug naar blogs

De schoonheid en het ‘vreemde’: het ideale tweeluik van Vermeer

Andrew Graham-Dixon besteedt in zijn biografie ‘Vermeer: A Life Lost and Found’ uitgebreid aandacht aan de relatie tussen Het meisje met de parel (Mauritshuis, Den Haag) en Studie van een jonge vrouw (The Metropolitain Museum of Art, New York). Hij ziet ze niet alleen als een paar, maar als twee kanten van dezelfde artistieke medaille. 

studie-en-meisje-paren-vcd.jpg

 

In de kunstgeschiedenis worden deze werken geclassificeerd als tronies: geen portretten van specifieke personen in opdracht, maar studies van karakter, gelaatsuitdrukking en exotische kleding. 

De visie van Graham-Dixon: de Schoonheid en het ‘Vreemde’

Graham-Dixon beargumenteert dat Vermeer deze twee doeken vrijwel zeker als tegenhangers heeft geschilderd. Hij noemt ze zelfs de "ideale tweeluik" om Vermeers obsessie met menselijke gelaatsuitdrukkingen te begrijpen.

1. Visuele compositie

De twee schilderijen zijn bijna identiek qua opzet, maar gespiegeld: 

  • De pose: beide vrouwen kijken over hun schouder naar de toeschouwer tegen een diepzwarte, lege achtergrond.
  • De lichtinval: in Het meisje met de parel komt het licht van links en draait ze haar gezicht naar het licht toe. In de Studie van een jonge vrouw valt het licht eveneens van links, maar valt het op haar achterhoofd en de zijkant van haar gezicht, wat een diffuser en mysterieuzer effect geeft. 

2. Het ideaal vs. karakter

Graham-Dixon wijst op een fascinerend contrast in de ‘schoonheid’ van de modellen:

  • Het Meisje met de parel: zij vertegenwoordigt een bijna bovennatuurlijke, klassieke schoonheid. Haar gelaatstrekken zijn zacht, haar lippen vochtig en geopend, en haar tulband maakt haar exotisch en onbereikbaar.
  • Studie van een jonge vrouw: Graham-Dixon beschrijft haar vaak als "minder conventioneel mooi". Ze heeft een breder gezicht, wijd uit elkaar staande ogen en een bijna nieuwsgierige, lichtelijk ongemakkelijke uitdrukking.

De betekenis: volgens de auteur wilde Vermeer laten zien dat hij zowel de ‘ideale schoonheid’ als de ‘eigenaardige, individuele menselijkheid’ kon vangen. Het ene meisje is een droom, het andere is een persoon.

3. De parel als verbindend element

In beide schilderijen speelt een enorme parel de hoofdrol. Graham-Dixon benadrukt dat deze parels (die waarschijnlijk van glas waren, gezien de onnatuurlijke grootte) fungeren als een optisch anker:

  • Bij het beroemde meisje versterkt de parel haar glans.
  • Bij de ‘studie’ trekt de parel de aandacht naar haar hals en de textuur van haar huid.

De ‘verloren’ connectie

Wat Graham-Dixon extra interessant vindt, is dat deze twee werken waarschijnlijk samen in de collectie van mecenas Pieter van Ruijven en zijn vrouw Maria de Knuijt hingen. Voor een 17e-eeuwse kijker was het vergelijken van deze twee gezichten een intellectuele oefening: het was een meditatie over hoe licht verschillende vormen van schoonheid onthult. 

Hij suggereert zelfs dat het meisje in de Studie mogelijk een van Vermeers eigen dochters was, terwijl het Meisje met de parel een meer geabstraheerd fantasiefiguur is. Door ze naast elkaar te hangen, verbond Vermeer zijn eigen wereld met de wereld van de verbeelding. 

Graham-Dixon probeert in zijn boek ‘Vermeer: A Life Lost and Found’ de verloren connectie te herstellen door de schilderijen weer naast elkaar te zetten. Hij nodigt je uit om naar de onzichtbare draden te kijken die de werken verbinden. Het boek van Andrew Graham-Dixon is te koop in de museumshop van het Vermeer Centrum Delft. 

In de vernieuwde opstelling van de werken van Vermeer in het Vermeer Centrum Delft, hangen de twee werken ‘Studie van een jonge vrouw’ (1664-1667) en ‘Het meisje met de parel’ (1664-1667) pal naast elkaar. Hoe kijk je nu naar deze werken, met de suggesties van Andrew Graham-Dixon? 

Plan je bezoek aan het Vermeer Centrum Delft via deze link